 |
|
De tweede editie van Ruimte is een themanummer over de herziening van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen (RSV). “Wat zijn de maatschappelijke ontwikkelingen die ons ruimtegebruik beïnvloeden: vergrijzing van de bevolking, migratie en diversiteit, klimaatverandering, stadsontwikkeling, metamorfose van de open ruimte, aanleg van grote mobiliteitsinfrastructuur?”, zegt Jef Van den Broeck in dit nummer. |
| |
|
|
| Twee jaar later dan voorzien is de opmaak van de tweede editie gestart. Ruimte blikt terug op het voorbije decennium en schetst de uitdagingen voor de ruimtelijke toekomst van Vlaanderen. Intussen beschikken elke Vlaamse provincie en driekwart van de Vlaamse gemeenten over een structuurplan en kwamen er 170 provinciale en 870 gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen tot stand. |
| |
| Hans Leinfelder en Ann Pisman hebben het over de korte termijnherziening van het structuurplan door Vlaanderen en Gent. Nederlander Jochem de Vries blikt terug op tien jaar structuurplanning in Vlaanderen: “De Vlaamse politieke cultuur biedt iets wat in Nederlandse ruimtelijke ordening vaak gemist wordt: politiek leiderschap en het “dealen en wheelen” in concrete dossiers.” Twee geestelijke vaders van structuurplanning in Vlaanderen geven hun visie. Jef Van den Broeck hoopt dat de nieuwe regering inziet hoe belangrijk een kwaliteitsvol ruimtelijk beleid voor Vlaanderen is. De steden kunnen deze beweging mee in gang zetten. “In theorie is niemand tegen duurzaamheid”, zegt Louis Albrechts. “Maar dat in praktijk brengen is minder neutraal.” |
| |
| Het diensthoofd ruimtelijke ordening van Kalmthout en de directeur van de dienst Stedenbouw en Ruimtelijke Planning van de stad Gent evalueren hun structuurplannen. En Jade Salhab en Katrien Theunis vinden dat Brussel rijp is voor een nieuw gewestelijk ontwikkelingsplan, met uitgesproken keuzes en een efficiënt en flexibel uitvoeringsinstrumentarium. |
| |
| Econoom Geert Noels is geen planoloog of stedenbouwkundige. Maar de vermogensbeheerder heeft wel een duidelijke kijk op de toekomst. “Zuinig omspringen met de ruimte, betekent winst op alle terreinen”, zegt hij. “Ik ben vanuit economisch oogpunt voor ruimtelijke planning, voor een onderbouwde langetermijnvisie en voor minder populaire maatregelen in de ruimtelijke ordening.” En: “In de plaats van nieuwe bedrijventerreinen te zoeken, zouden we beter een vernieuwend beleid voeren” |