blog > The floor is yours, Jesper Pagh

The floor is yours, Jesper Pagh

Jesper Pagh – het verhaal van een hand en haar vingers

KRISTIEN LEFEBER. 18 DECEMBER 2018. Onlangs werd een VRP-lab georganiseerd n.a.v. de studie ‘Prospectie Internationale Omgevingsplanning’ van het Vlaams Planbureau voor Omgeving. Als gastspreker werd voor deze gelegenheid Jesper Pagh uitgenodigd. Deze onderzoeker aan de Architectuurschool van Kopenhagen bracht een presentatie over de planningsgeschiedenis in Denemarken. Daarin werd de nodige aandacht besteed aan een kritische lezing van het succes van het ‘Finger Plan’ voor Kopenhagen en aan de ontwikkelingsdruk waaraan dat plan vandaag onderhevig is. Na zijn boeiende uiteenzetting rees de vraag: kan de Scandinavische ‘comprehensive approach’ een inspiratiebron vormen voor Vlaanderen? We geven hier een kort overzicht van Paghs verhaal.

Pagh begint zijn lezing met het historische en actuele Deense planningsstelsel toe te lichten. Op 1 januari 2007 is in Denemarken een ingrijpende bestuurlijke hervorming doorgevoerd, waarbij de 14 Amter (te vergelijken met onze provincies) werden opgeheven. Er zijn vijf grote regio’s voor in de plaats gekomen, maar met minder taken, en zonder eigen belastinggebied.  Tegelijkertijd werden de gemeenten fors opgeschaald, naar minimaal 20.000 inwoners.

Ruimtelijke planning valt nu onder het Deense ministerie voor industrie, handel en financiële zaken. Zoals Bent Flyvbjerg het verwoordt ‘I realised that – while the reform’s focus was on comprehensive land-use planning – the real power was held by project management’.

Kopenhagen werkt al lang aan Transit Oriented Development (TOD) en is een bekend voorbeeld binnen Europa geworden. Het beroemde Finger Plan heeft de stedelijke ontwikkelingsstructuur sterk geleid in de afgelopen decennia. Met Kopenhagen als centrum van een handpalm reiken de infrastructuurlijnen over de hele regio als vingers van een open hand. Natuur-, landbouw,- en recreatiegebieden vullen de ruimte tussen de vijf vingers. Binnen deze regio’s verdichten de steden en dorpen rondom stations langs deze corridors. Met de komst van de Øresundbrug kreeg de hand een extra vinger, die zorgt voor een internationale verbinding met Zweden.

Met het wegtrekken van gezinnen en hoogopgeleiden uit steden in de jaren ‘80 en ‘90 kwam de regio Kopenhagen economisch opnieuw onder druk. De stad besloot met financiële steun van de nationale overheden vier megaprojecten te implementeren om de regio via ruimtelijke ingrepen sociaal en economisch op te waarderen. Een van deze projecten was Ørestad, bedoeld als  stadsuitbreiding voor kwalitatieve woonruimte om mensen weer naar de stad te lokken. Ørestad dient ook als internationale vestigingsplaats voor universiteiten en bedrijven, vanwege de aanwezigheid van de luchthaven en de Øresund-verbinding. De ontwikkelingen zijn gebundeld langs een nieuwe metrolijn.

Het Ringby/Letbanesamarbejdet – een projectalliantie van 11 gemeenten, de regio en de ministeries van milieu en transport, werkt samen om een lightrailverbinding te realiseren door de ‘vingers’ te koppelen in een ringlijn. In de loop van de jaren ontstond veel meer verkeer tussen de vingers en dat kan niet allemaal door het centrum stromen zoals nu gebeurt. De ruimtelijke ontwikkeling per deelnemende gemeente binnen deze alliantie is gecoördineerd om voor maximale differentiatie en complementariteit te zorgen tussen alle toekomstige ontwikkelingen rondom de nieuwe stations van deze ringlijn.

Bijna 70 jaar lang hield de regio vast aan een visie die compacte stedelijke ontwikkeling langs openbaar vervoer hanteert met behoud van groen- en natuurgebieden. Dit idealistische begin van het Finger Plan heeft zijn vruchten afgeworpen: de regio is vandaag één van de meest leefbare in Europa.  Het plan is een levenswijze geworden en biedt duidelijkheid aan zowel de planningspraktijk als de private ontwikkelaar, over waar en hoe iemand mag bouwen. De tweede en derde versie van TOD in de regio in Ørestad en het Ringby/ Letbanesamarbejdet zijn voorbeelden van hoe een sterk idee zich kan ontwikkelen tot een concreet en vernieuwd uitvoeringsbeleid en idem dito samenwerkingsvormen.

Jens Kvorning, professor stedelijke planning aan de Architectuurschool in Kopenhagen, benadrukt dat de positieve ontwikkeling in Kopenhagen niet gezien kan worden als het resultaat van een allesomvattende en gecoördineerde planningsaanpak, maar eerder als het resultaat van een ‘goedaardige’ interactie tussen een reeks van plannen die met elkaar verband houden, initiatieven en marktcondities. Hij denkt daarbij aan de combinatie van het Finger Plan met andere beleidsdocumenten en strategieën, o.a. een ‘metropool voor mensen’  (met concrete doelen op drie gebieden: meer stedelijk leven voor iedereen, meer mensen die wandelen en meer mensen die langer blijven hangen in de stad).

De hedendaagse planning gebeurt nu grotendeels door middel van individuele maar gigantische projecten in plaats van een alomvattende, gecoördineerde planning (Bent Flyvbjerg). We denken hierbij aan de Great Belt Fixed Link, gevolgd door de Øresund Bridge, de  Copenhagen Metro, de Fehmarn Belt Fixed Link, ‘mega dams’,… en zeer recent de Nordhavn.

Ik denk dat velen onder ons dan ook wel wat ontgoocheld waren in de huidige aanpak van het Finger Plan, die haaks staat op de vooruitstrevende stadsontwikkeling waarvoor Kopenhagen bekend is. Maar goed, dat doet niets af aan de geslaagde studiedag en sterkt ons dan weer in de gedachte dat het elders ook niet allemaal rozengeur en maneschijn is.

Conflicten, motor van de democratie?VRP Lab 2. Prospectie internationale omgevingsplanning